Gent pakt jongerenwerkloosheid aan

Ik ben ervan overtuigd dat lokale besturen een  belangrijke rol spelen in het bestrijden van jongerenwerkloosheid.

Eind januari stelde ik mijn eerste vraag als gemeenteraadslid aan Schepen Coddens rond de stijgende jongerenwerkloosheid in Gent. Hieronder de vraag en het antwoord van de schepen en ten slotte mijn repliek.




De werkloosheid in Gent steeg in december 2012 fors in vergelijking met december 2011 en ook in vergelijking met november 2012. Hoewel licht gedaald in verhouding t.o.v. november 2012, is in vergelijking met december 2011 de jongerenwerkloosheid gestegen met 17%. Gemiddeld is de jongerenwerkloosheid in 2012 in vergelijking met 2011 terug gestegen (met 8,7%). Dit is een sterke stijging en een negatieve evolutie.

Heeft u een verklaring voor de stijging van de jeugdwerkloosheid binnen de Gentse context? Welke belangrijke hefbomen heeft het stadsbestuur zelf in handen om structureel een antwoord te bieden op de jeugdwerkloosheid?


Het antwoord van Schepen Rudy Coddens :

Beste collega’s,
collega Van Braeckevelt,

het is inderdaad zo
dat de jeugdwerkloosheid opnieuw op “crisis-niveau” zit, en meer bepaald het niveau van 2010, toen ze net onder de 25 % piekte. Inderdaad scoren we daarmee beduidend minder goed dan in 2011, toen we net boven de 20 % zaten, en zeker dan in de “goede jaren” 2005 en 2006, vlak voor de crisis, toen de Gentse jeugdwerkloosheid zelfs onder de 20 % dook. Maar even beduidend scoren we nog steeds beter dan in de “slechte jaren” 2002 tot en met 2005, toen we rond de 28 % schommelden.
Gent is bovendien geen uitzondering op de rest van Vlaanderen.  Hierbij speelt de stedelijke context zeker een rol.


Deze evolutie, en zeker de evolutie van de globale werkloosheidscijfers, moet ook in Gent echter
“zorgwekkend” worden. Laten we daar geen doekjes om winden. Toch moet één en ander dus enigszins in perspectief worden geplaatst. Dat de werkloosheid bij jongeren tijdens een crisisperiode stijgt, is immers te verwachten. Jeugdwerkgelegenheid is immers bijzonder conjunctuurgevoelig. Zo remt een neergaande conjunctuur jongeren af, in het vinden van een eerste baan, omdat er in crisistijd veel minder vacatures zonder ervaringsvereisten zijn. Ook is de uitzendsector traditioneel één van de eerste sectoren die de crisis voelen. En dat is dan weer slecht nieuws voor jongeren die de arbeidsmarkt betreden.


Veel jongeren vinden immers een eerste job via uitzend- of tijdelijke arbeid. Jongeren zijn in crisistijd dus extra kwetsbaar. Zeker als ze laaggeschoold zijn, en/of van vreemde origine. Ook dit merken we. Deze groep, en daarbinnen de laaggekwalificeerde groep, verdient dus extra aandacht, bij de uitwerking van het beleid, waarvan de contouren in het Bestuursakkoord zijn vastgelegd. Daarin neemt de overgang van onderwijs naar arbeidsmarkt, terecht een zeer belangrijke plaats in.


Een diploma blijft immers een belangrijke voorwaarde om kansen te krijgen op de arbeidsmarkt. Samen met de scholen willen we dus preventief én curatief werken aan de ongekwalificeerde uitstroom en willen we deze ongekwalificeerde uitval vooral vermijden. Nieuwe methodieken in dat verband geven we ruimte via Gent Stad In Werking, waar alle verschillende partners rond werk aanwezig zijn, en waar onlangs het project Word Wijs van start ging.

Dat is erop gericht jongeren tijdig te vatten via het CLB-netwerk, en intensief te begeleiden naar een kwalificerend vervolgtraject, en/of een traject naar werk. Concreet: jongeren die aan het afhaken zijn via tweedekansonderwijs, opleidingen bij de VDAB, e.a. terug op baan helpen. Ook willen we verdringingsmechanismen op de arbeidsmarkt tegengaan door de sociale tewerkstellingsmogelijkheden verder te verruimen, ook bij andere bedrijven, en er in elk geval alles aan te doen om zoveel mogelijk talenten te activeren. Of actief te houden. Door hen bijvoorbeeld werkstages aan te bieden, zoals ook in het Bestuursakkoord heel duidelijk bepaald staat. Wel moeten we er voor zorgen dat deze jongeren de nodige begeleiding hierbij krijgen.

In elk geval moeten we vermijden dat de aankomende generatie, die sowieso in crisistijd op de arbeidsmarkt zal instromen ( of we dat nu graag hebben of niet ) een “verloren” generatie wordt. Of een generatie die zich “overbodig” voelt, want niet betrokken bij het mainstream economische gebeuren en vooral niet door de mazen van het net glippen. De Stad zal in dit verhaal haar rol opnemen. Als regisseur én als acteur.
Dit betekent dat we zélf, als stad, jonge mensen meer kansen moeten bieden op de arbeidsmarkt.”


Gemeenteraadslid Bram Van Braeckevelt beaamt dat het stimuleren van het werkaanbod belangrijk is en dat en een goede begeleiding zeker geen evidente opdracht is en dat er samenwerkingsverbanden noodzakelijk zijn. Het raadslid geeft aan dat hij tevreden is dat de Stad niet enkel de rol van regisseur zal opnemen maar ook de rol van actor. Hij is ervan overtuigd dat de lokale besturen daar een zeer belangrijke rol in spelen en hoopt van harte dat de woorden ‘dat onze generatie geen verloren generatie zal zijn’ effectief waar worden.


geplaatst op: 07/02/2013

< Terug

Nieuwsbrief

Indien u op de hoogte wenst te blijven van mijn campagne, kunt u zich hier inschrijven op de nieuwsbrief.